Deze site maakt gebruik van cookies. Meer informatie

Akkoord
Technische ondersteuning

AccountView gebruiken via een Terminal Server-omgeving

Support ID: AV-52614
Product: AccountView Windows

Omschrijving

AccountView kan worden gebruikt via een Terminal Server-omgeving, bijvoorbeeld Windows Terminal Server of Citrix Metaframe. Als u gebruikmaakt van zo'n oplossing, dan kunt u instellingen doen om de beeldverversing en het geheugengebruik van AccountView te optimaliseren.
Voor het inrichten van AccountView in een Terminal Server-omgeving kunt u contact opnemen met AccountView-leverancier.

Verklaring

Microsoft Visual FoxPro, de programmeertaal waarin AccountView is geschreven, heeft een aantal functies ter verbetering van performance. Deze functies werken snel in een client/server-omgeving, maar kunnen in omgevingen met een grote hoeveelheid werkgeheugen zoals Windows Terminal Server of Citrix Metaframe omgevingen anders reageren.

  1. Parameter voor het voorgrond en achtergrondgeheugen (BG_MEN & FG_MEN)
  2. Parameter voor de achtergrondafbeelding (SHOW_IMAGE = OFF)
  3. Parameter voor de schermopbouw (BITMAP=OFF)

1. Parameter voor het voorgrond en achtergrondgeheugen (BG_MEN & FG_MEN)

Om de performance te optimaliseren is het mogelijk om voor AccountView het voor- en achtergrondgeheugen in te stellen. Voorgrondgeheugen wordt gebruikt als AccountView actief is; achtergrondgeheugen als een andere applicatie actief is. Windows rapporteert aan FoxPro meer geheugen dan er werkelijk beschikbaar is in omgevingen met veel werkgeheugen. Zodra FoxPro van dat deel gebruikmaakt, kan er vertraging optreden.

Deze geheugeninstellingen kunnen van pas komen in Citrix of Windows Terminal Server-omgevingen. Het geheugengebruik kan met behulp van de instelling FG_MEN en BG_MEN worden geoptimaliseerd  in het bestand CONFIG.FPW.

Wat is de beste waarde in uw omgeving?

Om AccountView niet teveel geheugen in gebruik te laten nemen raden we u aan de waarde laag te houden. De meest optimale waarden voor uw omgeving zijn afhankelijk van de verschillende factoren:

  • Het aantal gebruikers dat op de Terminal Server werkt.
  • Welke andere (zware) applicaties er worden gebruikt.
  • De hoeveelheid werkgeheugen dat aanwezig is op de server.

Bepaalde handelingen zijn in AccountView sneller dan andere met verschillende geheugeninstellingen zoals het indexeren in vensters. Het is dus belangrijk om met verschillende waarden te testen.

Met het voorgrondgeheugen en het achtergrondgeheugen op 20971520 byte (20,0 Mb) is er in verschillende besturingssystemen bij diverse handelingen in AccountView getest met goede resultaten:

  1. Zorg ervoor dat alle gebruikers AccountView hebben afgesloten.
  2. Ga met de Windows Verkenner naar de map met programmabestanden waar AccountView is geïnstalleerd (Zie ook Help > Info).
  3. Open het bestand CONFIG.FPW met Notepad (of een andere ASCII-tekstverwerker).
  4. Voeg aan dit bestand de volgende regel toe:

    FG_MEN = 20971520
    BG_MEN = 20971520

Hogere waarden waarmee getest kan worden zijn 1/3 van het werkgeheugen met maximum van 512 MB en lagere waarden zoals 20 MB tot de 50/70 MB dat gemiddeld per AccountView-sessie wordt gebruikt.


2. Parameter voor de achtergrondafbeelding (SHOW_IMAGE = OFF)

Standaard bevat het startvenster van AccountView een afbeelding. Wanneer AccountView wordt gestart op een Windows Terminal Server of pc met weinig kleuren wordt deze afbeelding automatisch vervangen door een egaal blauw vlak.

Om in alle gevallen de achtergrondafbeelding ten behoeve van performanceverbetering uit te schakelen kan de parameter worden ingezet met waarde Off via de volgende stappen:

  1. Zorg ervoor dat alle gebruikers AccountView hebben afgesloten.
  2. Ga met de Windows Verkenner naar de map met programmabestanden waar AccountView is geïnstalleerd (Zie ook Help > Info).
  3. Open het bestand AV.INI met Notepad (of een andere ASCII-tekstverwerker).
  4. Voeg aan dit bestand de volgende regel toe:

    [desktop]
    show_image = off

De verschillende waarden voor deze parameter zijn:

Instelling Omschrijving
On de afbeelding wordt altijd weergegeven.
Auto  de afbeelding wordt weergegeven behalve in Windows Terminal Server-omgevingen of bij beperkte kleurenweergaven.
Off de afbeelding wordt nooit weergegeven.

3. Parameter voor de schermopbouw (BITMAP=OFF)

Bij het gebruik van een Terminal Server is het bij performance problemen aangeraden om de parameter BITMAP=OFF toe te voegen. De werking van Visual FoxPro voor het weergeven van het venster kan vertragend werken in Terminal Server-omgevingen. Dit komt doordat er vanaf de Remote Desktop cliënt bij elke handeling in AccountView de schermopbouw wordt ververst en wordt verstuurd naar zogenaamde off screen bitmaps. Deze vele verversingen zorgen voor extra veel (netwerk)verkeer tussen de Remote Desktop-client en Terminal Server.

De BITMAP=OFF toevoeging zorgt ervoor dat de off screen bitmaps die worden gebruikt voor de schermopbouw, worden uitgeschakeld en de performance in bepaalde gevallen ten goede komt. Het wordt afgeraden om deze parameter te gebruiken wanneer AccountView op de normale wijze bijv. via client/server wordt gestart.

Daarnaast kan het gebruik van de parameter BITMAP=OFF ook een aantal nadelen hebben:

  • Knipperende of flitsende schermopbouw.
  • Verversingsproblemen wanneer wordt gewisseld tussen andere applicaties zoals Outlook en AccountView.

Stappen om alleen op de Terminal Server off screen bitmaps uit te schakelen:

  1. Zorg ervoor dat alle gebruikers AccountView hebben afgesloten.
  2. Kopieer met de Windows Verkenner het bestand CONFIG.FPW naar WTS_CONFIG.FPW in dezelfde map.
  3. Open het bestand WTS_CONFIG.FPW met Notepad (of een andere ASCII-tekstverwerker).
  4. Voeg aan dit bestand de volgende regel toe:

    BITMAP=OFF

  5. Maak een nieuwe snelkoppeling voor het opstarten op de Terminal Server.
  6. Open de eigenschappen van de snelkoppeling en voeg in het veld Doel aan het eind van de verwijzing de parameter -CWTS_CONFIG.FPW toe

Stappen om op elke omgeving off screen bitmaps uit te schakelen:

  1. Zorg ervoor dat alle gebruikers AccountView hebben afgesloten.
  2. Ga met de Windows Verkenner naar de map met programmabestanden waar AccountView is geïnstalleerd (Zie ook Help > Info).
  3. Open het bestand CONFIG.FPW met Notepad (of een andere ASCII-tekstverwerker).
  4. Voeg aan dit bestand de volgende regel toe:

    BITMAP=OFF

Meer informatie over deze parameter leest u in https://support.microsoft.com/nl-nl/kb/258537/en-us