Internetprotocol niet onverstandig

Sinds de intrede van computers en internet op de werkplek enkele decennia geleden, zitten heel veel medewerkers dagelijks urenlang achter hun pc. Zitten die mensen de hele dag te werken, besteden zij tijd aan het uitzoeken van een jurkje in een webshop, of houden ze de hele dag in de gaten wat hun vrienden op Facebook uitvoeren?

Sommige werkgevers zouden daarvoor het liefste de hele dag meekijken met medewerkers om zich ervan te verzekeren dat hun medewerkers het bedrijfsnetwerk en de werkuren niet lopen te verkwanselen met privézaken.

Netwerkverkeer is eenvoudig te loggen, e-mail kan worden gescand en bezoeken aan websites kunnen worden geanalyseerd om niet-werkgerelateerde sites te kunnen identificeren. Maar dat ligt om privacyredenen erg gevoelig.

Het totaal scheiden van het privé en zakelijke gebruik van internet kan tegenwoordig helemaal niet meer. Organisaties moeten er wel voor waken dat er door medewerkers via bijvoorbeeld sociale media geen vertrouwelijke informatie naar buiten lekt of dat er via een privémailtje malware op het bedrijfsnetwerk binnenkomt.

Privégebruik internet en telefoon op werkvloer toegestaan

Het controleren of filteren van het netwerkverkeer lijkt voor sommige werkgevers wellicht een  vanzelfsprekendheid. De werkgever betaalt immers voor de apparatuur, het netwerk en alle dataverkeer, dus waarom zou hij niet mogen weten wat er op zijn netwerk gebeurt?

Juridisch zit dat ingewikkelder in elkaar. Werknemers hebben een grondrecht op privacy en het recht op vertrouwelijke communicatie, ook op de werkvloer. Een medewerker mag dus onder werktijd even een eigen telefoongesprek voeren. De werkgever mag deze gesprekken niet afluisteren of telefoontoestellen aftappen. Ditzelfde geldt voor het gebruik van e-mail- en internetfaciliteiten; een zeker privégebruik moet door de werkgever worden toegestaan.

Internetprotocol

Alleen als er verdenkingen zijn of duidelijke redenen om te vermoeden dat er bij iemand iets mis zit, mag onder bepaalde voorwaarden het internetverkeer van een medewerker worden gemonitord. Die voorwaarden zijn doorgaans vastgelegd in een soort IT-draaiboek of internetprotocol waarin werkgevers grenzen worden gesteld aan het privégebruik van internet en e-mail. Daar ligt een mooi adviserende taak weggelegd voor de HR-professional.

Werkgeversorganisatie VNO-NCW heeft een modelgedragscode voor het gebruik van (mobiele) telefoon, internet, e-mail, en andere huidige en toekomstige elektronische informatie- en communicatiemiddelen opgesteld. Met andere woorden: waar trek je de lijn voor wat privé en zakelijk is toegestaan? Grofweg komt het erop neer dat privégebruik is toegestaan zolang dit niet storend is voor de dagelijkse werkzaamheden en mits er wordt voldaan aan de overige voorwaarden van de gedragscode. De werknemer mag bijvoorbeeld geen verboden sites bezoeken.

Heeft uw bedrijf nog niet zo’n richtlijn of internetprotocol? Dan is het de hoogste tijd dat daar duidelijke afspraken over worden gemaakt. De modelgedragscode van VNO-NCW kan daar mooi voor worden gebruikt!

Naast dat het soms noodzakelijk is om tijdens werktijd te telefoneren of iets op te zoeken voor privédoeleinden, kan privégebruik van internet en mobiel de werknemer soms ook ontlasten.  Helemaal als de werkdruk erg hoog ligt. Ook e-HRM kan de werkdruk verlagen. In de whitepaper ‘Zes manieren waarop e-HRM de werkdruk verlaagt‘ leggen we uit hoe.

Op de hoogte blijven van ander nieuws rondom HRM & Salaris? Volg @VismaHRMnieuws op Twitter!

internetprotocol

 

 

 

Rob van Loenen is Marketing Marketing bij Visma Software.
Connect met Rob: