Excessieve vertrekvergoedingen en aandelenopties

In het wetsvoorstel Overige fiscale maatregelen 2018 is een aantal wijzigingen op fiscaal gebied doorgevoerd. Een hiervan is een aanpassing met betrekking tot de pseudo-eindheffing over excessieve vertrekvergoedingen en constructies met voorwaardelijke aandelenoptierechten. U moet 75% belasting betalen over het excessieve deel van een vertrekvergoeding van een werknemer die bij u uit dienst gaat. Of sprake is van een excessieve vertrekvergoeding wordt vastgesteld op basis van een rekenregel.

Voor werknemers van innovatieve start-ups bevat het Belastingplan 2018 goed nieuws. Zij genieten een financieel voordeel bij het uitoefenen van hun aandelenopties. Van de inkomsten uit die aandelenopties hoeven zij maar 75% aan te geven als loon. De rest is dus onbelast.

Download whitepaper!

Pseudo-eindheffing over excessieve vertrekvergoedingen

Op het moment dat de dienstbetrekking van uw werknemer eindigt, moet u nagaan of er sprake is van een excessieve vertrekvergoeding. In dit laatste geval moet u als werkgever bovenop de gebruikelijke loonheffingen een pseudo-eindheffing van 75% van de vertrekvergoeding betalen. U betaalt dus alleen belasting (pseudo-eindheffing) voor zover de vertrekvergoeding hoger is dan het toetsloon.

Voorwaardelijke aandelenopties

Als hoofdregel geldt dat voorwaardelijke aandelenopties die uw werknemer twee jaar vóór hij uit dienst gaat heeft verkregen, meetellen voor het bepalen van de hoogte van zijn vertrekvergoeding en dus ook voor de eventuele pseudo-eindheffing excessieve vertrekvergoeding. Bepaalde aandelenoptierechten die zijn verkregen in het kalenderjaar voorafgaand aan het jaar dat de werknemer uit dienst is gegaan tellen echter niet mee vanwege een uitzonderingsregel.

Meer lezen? Download hieronder de gratis whitepaper!

Voorwaardelijke aandelenoptierechten